Rechtsvormen in België: een helder overzicht voor zelfstandigen

Voor het eerst zelfstandig worden voelt als het openen van een deur waarvan je niet weet wat erachter ligt. Je weet waarvoor je staat, je marktonderzoek klopt, je netwerk staat paraat. Maar voor je ook maar één factuur stuurt, moet je één fundamentele beslissing nemen: onder welke rechtsvorm ga je werken? Die keuze bepaalt je aansprakelijkheid, je belastingdruk en je sociale bescherming. Geen detail dus.

De goede kant van het verhaal: je hoeft niet te raden. Sinds de hervorming van het vennootschapsrecht liggen de opties helder op tafel en kun je de afweging puur op jouw situatie afstemmen. Dit artikel leidt je door de essentiële vragen. Tegen het einde weet je precies welke vorm bij jouw plannen past en kun je met een gerust hart van start gaan.

Wat is nu eigenlijk het verschil tussen een eenmanszaak en een vennootschap? #

Bij een eenmanszaak ben jij je zaak. Privé- en zakelijk geld vallen samen. Winst gaat direct naar jou en belandt in de personenbelasting. Simpel. Keerzijde: schuldeisers mogen aan je spaargeld, auto en huis komen.

Een vennootschap staat apart. Je creëert een eigen rechtspersoon met een eigen rekening, vermogen en belastingaangifte. Jij bent aandeelhouder en bedrijfsleider. Je privévermogen blijft beschermd, tenzij je grove fouten maakt. De Besloten Vennootschap (BV) is vandaag de populairste keuze. Geen verplicht minimumkapitaal, wel een doordacht financieel plan bij de start en een dubbele boekhouding verrichten. Met Moneybird naast je zij blijft zelfs een dubbele boekhouding overzichtelijk.

Wanneer haal ik fiscaal voordeel uit een BV? #

Leg de cijfers even naast elkaar. In een eenmanszaak belast men je winst in de personenbelasting. De hoogste schijf bedraagt 50% en daar bovenop komt nog de gemeentebelasting. Vanaf een bepaald winstniveau voel je dat in je portemonnee.

Een BV betaalt eerst vennootschapsbelasting: 20% op de eerste €100.000 winst (als je aan de spelregels voldoet) en 25% op het bedrag daarboven. Dat is aanzienlijk vriendelijker dan de personenbelasting.

Welke andere vennootschapsvormen bestaan er nog? #

Naast de BV bestaan er nog andere rechtspersonen. Elk met een eigen karakter en soms scherpe kantjes.

De Naamloze Vennootschap (NV) blijft de klassieker voor grotere bedrijven. Het wettelijk minimumkapitaal bedraagt nog steeds €61.500. Daarvan stort je minstens een vierde meteen vol. De bestuursstructuur ligt strenger vast dan bij een BV. Een raad van bestuur van minstens drie leden is verplicht en de regels rond inbreng in natura vragen een onafhankelijk controleverslag. Voor een doorsnee kmo weegt die vorm al snel te zwaar door. De NV komt pas in beeld wanneer je naar de beurs wil of een brede aandeelhouderskring beoogt.

De Commanditaire Vennootschap (CommV) combineert een beherende vennoot die de zaak runt en onbeperkt aansprakelijk is, met stille vennoten die enkel hun inbreng verliezen. Sinds de WVV-hervorming is haar interne werking flexibeler geworden. Je kunt het stemrecht van de stille vennoten contractueel inperken, waardoor investeerders kapitaal inbrengen zonder zich met het beleid te moeien. De beherende vennoot is wel zelfstandige en moet dus goed beseffen wat hij riskeert.

In een Vennootschap Onder Firma (VOF) sla je de handen ineen met een of meerdere vennoten. Alle vennoten blijven onbeperkt en hoofdelijk aansprakelijk voor de schulden. De winst wordt bij ieder van hen belast alsof ze een eenmanszaak runnen. Eenvoud troef, maar met een flinke dosis persoonlijk risico. 

De Coöperatieve Vennootschap (CV) kreeg tijdens de WVV-hervorming een grondige facelift. Het oude onderscheid met beperkte en onbeperkte aansprakelijkheid verdween. Vandaag is de aansprakelijkheid steeds beperkt tot de inbreng. Maar let op: je moet een uitdrukkelijk coöperatief doel aantonen en de vennoten moeten echt kunnen participeren in het beleid. Voor een gewone handelszaak is de CV daardoor geen voor de hand liggende keuze meer. Voor samenwerkende zorgverstrekkers, freelancers of landbouwers blijft ze echter relevant.

Vergeet niet dat je altijd best je keuze laat narekenen door een boekhouder.

Verder lezen?

Misschien vind je dit ook interessant.