- Btw en belastingen
- Leestijd: 3 minuten
Btw op logies gestegen: van 6% naar 12%
Het hoogseizoen slokt je volledig op maar achter de schermen knaagt een vervelende vraag. Doe ik het wel goed met die nieuwe btw op logies? Je hebt allang genoeg aan je hoofd. De was stapelt zich op, gasten bellen voor een vroege check-in en jij probeert ondertussen uit te vogelen of je die reservatie uit februari nu aan 6 of 12 procent btw moet aanrekenen. Dat gevoel van twijfel is een energievreter. Het goede nieuws? Het is helemaal op te lossen. In dit artikel nemen we je bij de hand. Je ontdekt wat er precies gewijzigd is, hoe je oude boekingen foutloos afrondt en hoe je voortaan met een propere lei onderneemt.
Wat veranderde er nu concreet? #
De btw op gemeubeld logies en kampeerplekken steeg op 1 maart 2026 van 6 naar 12 procent. Dat is een rechtstreeks gevolg van het federale begrotingsakkoord. Het maakt niet uit of je een hotel, een B&B, een vakantiehuis of een camping runt. Vanaf die dag valt elk nieuw verblijf onder het hogere tarief. Ook alle extra’s die je met de overnachting verkoopt, schuiven mee. Denk aan ontbijt, parking, schoonmaak of de doorgerekende toeristenbelasting. Alleen restaurant, bar en minibar volgen hun eigen btw-pad.
Woonzorgcentra, internaten en ziekenhuizen blijven trouwens volledig vrijgesteld. Voor jou als uitbater draaide de wereld dus flink door.
Hoe zat die overgangsregeling nu precies in elkaar? #
Omdat de overheid erg laat met de nieuwe regels over de brug kwam, kreeg je een zachte landing. Tot en met 30 juni 2026 mocht je op bepaalde reservaties nog het oude tarief van 6 procent toepassen. Die termijn is nu voorbij. Wat overblijft, is een berg boekingen die je correct moet afhandelen. Het juiste percentage hangt af van wie er boekt, wanneer het verblijf plaatsvindt en op welk moment je het geld ontvangt of factureert.
Voor particulieren is de betaaldatum de sleutel. Stel je voor: een gezin uit Leuven boekte in februari een weekje in jouw Ardens vakantiehuis. Ze betaalden in mei een voorschot van €300. Dat bedrag factureer je aan 6 procent. Het saldo voldeden ze pas bij aankomst in augustus. Daarvoor reken je 12 procent. Wachtte het gezin met betalen tot na 30 juni? Dan valt zelfs dat voorschot onder 12 procent. Alle nieuwe boekingen vanaf 1 maart gaan sowieso tegen het hogere tarief.
Reik je aan particulieren vrijwillig een factuur uit? En doe je dat steevast bij al je gasten? Dan mag je de factuurdatum gebruiken als moment van opeisbaarheid. Het systeem werkt dan hetzelfde als bij bedrijven.
Zakelijke klanten vragen om een andere aanpak. Hier telt enkel de factuurdatum. Boekte een bedrijf in januari een seminarie maar stuurde jij de factuur pas in juli? Dan reken je 12 procent. De datum waarop zij betalen is niet relevant. Alle reservaties van na 1 maart volgen natuurlijk het nieuwe tarief.
Hoe vul je je btw-aangifte in zonder koud zweet? #
In je periodieke aangifte splits je de omzet over twee roosters. Zet alle inkomsten met 6 procent in rooster 01 en alle inkomsten met 12 procent in rooster 02. De verschuldigde btw belandt telkens in rooster 54. Dat klinkt overzichtelijk maar één foutje maakt van je aangifte een gatenkaas. Een goed boekhoudpakket vangt dat voor je op. In Moneybird ken je het juiste btw-tarief toe aan elke dienst of product, en de software verdeelt de bedragen automatisch over de juiste roosters. Zo blijft je btw-aangifte een fluitje van een cent.
Wat met de logiestaks en een ingehouden waarborg? #
Of je btw moet aanrekenen op de logiestaks, lees je af van het gemeentelijk reglement. Is je gast volgens dat reglement de belastingplichtige en zet je de taks apart op de factuur? Dan hoef je er geen btw bovenop te gooien. Wijs de gemeente jou aan als belastingplichtige? Dan reken je wel btw aan en dat aan het nieuwe tarief van 12 procent. Of je de taks nu apart vermeldt of niet, maakt geen enkel verschil.
Houd je een waarborg in omdat de gast annuleert? Daar betaal je geen btw op. Gebruik je de waarborg als schadevergoeding? Dan reken je 21 procent btw.