Welke kosten zijn beroepsmatig? En welke niet?

Die vraag. Ze duikt op bij elke factuur die je in handen krijgt. Je nieuwe smartphone, de internetrekening, dat abonnement waar je niet zonder kan. Voor je bedrijf gebruik je ze. Maar je streamt er ook mee, appt met vrienden, surft voor de lol. En dan begint het getwijfel. Hoeveel procent mag je inboeken? En stel dat de fiscus belt?

Het goed nieuws? Je hoeft geen rekenwonder te zijn. Je moet alleen weten welke vragen je jezelf stelt. Dit artikel geeft je een simpel kompas. Zo kruis jij straks zorgeloos door je boekhouding.

Zo filter je moeiteloos je beroepskosten #

Stel jezelf deze vraag:

"Had ik deze uitgave ook gedaan als ik geen eigen baas was geweest?"

  • Is het antwoord "Nee"? Dan zit je goed. Denk aan de spullen die je exclusief voor je zaak koopt. De voorraad voor je winkel. Die krachtige laptop voor je grafisch werk. Dit is 100% beroepsmatig. Het volledige bedrag, pakweg €799,00, verdwijnt in je kosten. Minder winst, minder belasting.
  • Is het antwoord "Ja"? Dan kom je in het schemergebied van de gemengde uitgaven. Die internetfactuur van €80,00 had je ook als je in loondienst was. Maar nu je zelfstandige bent, gebruik je het net iets anders, net iets meer. Ook goed nieuws: je mag een deel als kosten inbrengen.

Zo verdeel je jouw gemengde kosten #

De fiscus verwacht geen perfectie. Wat ze wel willen zien? Een onderbouwde en eerlijke verdeling. Jij maakt een inschatting die past bij jouw situatie. Hieronder lees je hoe je dat aanpakt voor de drie grootste gemengde kostenposten:

Je werkruimte thuis #

Je laptop staat opgeruimd in de hoek van de living. De garage herbergt wat stock. Hoe vang je dat in cijfers?

De oppervlakteregel. Klinkt technisch, maar dat valt reuze mee.

  1. Bereken de vierkante meters van je vaste werkplek. Je thuiskantoor, je atelier, de stockageruimte in de garage.
  2. Deel dat getal door de totale bewoonbare oppervlakte van je woning.
  3. Het percentage dat eruit rolt, pas je toe op je energiefactuur, je brandverzekering, je onroerende voorheffing.

Een voorbeeld 

Je woning telt 150 m². Je kantoor meet 15 m². Dat is exact 10%. Op een energiefactuur van €200,00 breng je dus €20,00 in. 

Je gsm en internet #

Je smartphone is je zakenlijn, maar ook je lijntje naar vrienden. Je internet thuis gebruik je voor je administratie én voor series bingen. De oppervlakteregel schiet hier tekort. Je hebt een andere methode nodig: de tijdsinschatting.

Hoeveel van je tijd slurpt je onderneming op?

  • Werk je in bijberoep? Drie dagen per week bezig? Dan is 3/7de van je abonnementskosten een heel nette schatting. Op een factuur van €60,00 is dat ongeveer €26,00.
  • Ben je fulltime zelfstandige? Bel je evenveel voor privé als voor werk? Dan is 50% een logische start. Ben je daarentegen de hele dag aan het bellen met klanten? Dan mag je best een tandje bijsteken.

Je auto: beroeps of privé?  #

Een eerlijke schatting maken is de boodschap. Gebruik je hem dagelijks voor je werk? Dan mag je een hoog percentage aanhouden. Rijd je vooral privé en af en toe voor een klant? Dan houd je het bescheiden. Kijk gewoon naar wat je privé rijdt in verhouding tot het totaal. De fiscus vraagt geen perfectie, wel een realistische kijk op jouw situatie.

Verder lezen?

Misschien vind je dit ook interessant.